Terug naar alle uitwerkingen van Kunst & Cultuur

Bouwsteen: KC1.2 - Denkstrategieën

Fase 1 (onderbouw primair onderwijs)

Inleiding

In onderbouw po verkennen leerlingen al spelend denkstrategieën. Ze fantaseren, proberen uit, onderzoeken, leven zich in en verwonderen zich. Ze leren zintuigelijk ervaren en met aandacht kijken en luisteren naar werk van andere makers en delen hun ideeën en meningen daarover. Zo verkennen zij verschillende uitingen van kunst en cultuur en ontdekken de wereld. Leerlingen bedenken nieuwe (toepasbare) ideeën die verwonderen of de fantasie prikkelen.

Kennis en vaardigheden

Leerlingen leren:

  • kennis maken met kijk- en luisterstrategieën;
  • kijken en luisteren naar uitingen van kunst en cultuur;
  • bij het kijken en luisteren naar en zintuigelijk ervaren van uitingen van kunst en cultuur fantasie en inlevingsvermogen gebruiken;
  • uitingen van kunst en cultuur waarnemen, te denken valt aan: schilderijen, muziek, voorstellingen, verhalen en sporen uit het verleden, en eigen ideeën daarover verwoorden en delen;
  • welke betekenis uitingen van kunst en cultuur hebben en leren daarbij eenvoudige vaktaal gebruiken;
  • reflecteren op het proces en het product (van anderen) en daarbij eenvoudige vaktaal gebruiken.

Fase 2 (bovenbouw primair onderwijs)

Inleiding

In bovenbouw po leren leerlingen denkstrategieën verbreden. Al spelend verwonderen leerlingen zich en leren associëren, buiten kaders denken, onderzoeken en/of (filosofisch) bevragen van eigen werk(processen) en werk van anderen. Vanuit verschillende standpunten leren leerlingen naar (eigen) artistieke uitingen kijken of luisteren. Leerlingen leren wat creativiteit teweeg kan brengen en hoe dit kan dienen als inspiratiebron. Ze formuleren hun gedachten en luisteren naar de meningen van anderen. Ze maken kennis met de vakspecifieke taal die gebruikt wordt binnen het leergebied. Leerlingen bouwen een repertoire op aan denkvaardigheden en leren die steeds bewuster en gerichter te gebruiken om artistieke uitingen te onderzoeken en waarderen.

Kennis en vaardigheden

Leerlingen leren:

  • kijk- en luisterstrategieën gebruiken;
  • bij het kijken en luisteren naar artistieke uitingen verbeeldingskracht gebruiken;
  • bij het kijken en luisteren naar uitingen van kunst en cultuur associëren, fantasie en inlevingsvermogen gebruiken, te denken valt aan het bekijken van een schilderij in de klas of het museum, muzikanten horen en zien spelen, een theater- of dansvoorstelling bezoeken of cultureel erfgoed ontdekken;
  • zeggingskracht van uitingen van kunst en cultuur interpreteren en waarderen en grenzen verleggen in het eigen denken;
  • uitingen van kunst en cultuur waarnemen, beschouwen en interpreteren, en eigen ideeën daarover verwoorden en delen met anderen;
  • het vreemde en het andere (zoals een kunstzinnige uiting) waar te nemen en te doordenken en deze kritisch en filosofisch bevragen: te denken valt aan de filosofische vraag: 'moet kunst mooi zijn?';
  • een oordeel uitstellen bij het kijken en luisteren naar uitingen van kunst en cultuur;
  • betekenis geven aan uitingen van kunst en cultuur vanuit het eigen perspectief en daarbij gangbare vaktaal gebruiken;
  • reflecteren op het proces en het product (van anderen) en daarbij gangbare vaktaal gebruiken.

Fase 3 (onderbouw voortgezet onderwijs)

Inleiding

In onderbouw vo verdiepen leerlingen de kennis over creatieve denkstrategieën en versterken daarmee het artistiek-creatief vermogen. Leerlingen leren uitingen van kunst en cultuur waarnemen en deze kritisch onderzoeken en (filosofisch) bevragen. Leerlingen leren met behulp van denkstrategieën betekenis geven aan (eigen) artistieke uitingen en deze waarderen. Ze leren reflecteren op eigen werk(processen) en werk(processen) van anderen.  Geïnspireerd door werk van professionals onderzoeken leerlingen een onderwerp vanuit verschillende perspectieven. Ze leren divergeren en convergeren, buiten bestaande kaders denken, problemen formuleren en verschillende oplossingsrichtingen onderzoeken. Leerlingen leren kijken en luisteren vanuit verschillende perspectieven en kunnen meningen en standpunten onderbouwen.

Kennis en vaardigheden

Leerlingen leren:

  • kijk- en luisterstrategieën bewust toepassen, uitingen van kunst en cultuur doorgronden;
  • analytische vaardigheden toepassen;
  • vanuit verschillende invalshoeken uitingen van kunst en cultuur bestuderen, hoofd- en bijzaken scheiden;
  • bij het kijken en luisteren naar uitingen van kunst en cultuur verbeeldingskracht gebruiken, associëren en fantasie en inlevingsvermogen gebruiken;
  • uitingen van kunst en cultuur vanuit verwondering kritisch en filosofisch bevragen;
  • het vreemde en het andere waar te nemen en te doordenken en deze (filosofische) bevragen;
  • vanuit verschillende perspectieven uitingen van kunst en cultuur onderzoeken, te denken valt aan perspectief van de maker en het perspectief van de opdrachtgever;
  • zeggingskracht van uitingen van kunst en cultuur interpreteren en waarderen;
  • uitingen van kunst en cultuur waarnemen en eigen ideeën daarover verwoorden en delen met anderen;
  • een oordeel uitstellen bij het kijken en luisteren naar uitingen van kunst en cultuur;
  • betekenis geven aan uitingen van kunst en cultuur vanuit het eigen perspectief en daarbij vaktaal bewust gebruiken;
  • betekenis geven aan uitingen van kunst en cultuur vanuit verschillende invalshoeken, te denken valt aan vorm, voorstelling, inhoud, context en functie en daarbij vaktaal bewust gebruiken;
  • zich oriënteren op de beroepspraktijk en maken kennis met de grote diversiteit binnen de creatieve en culturele sector;
  • reflecteren op het proces en het product (van anderen) en daarbij vaktaal bewust gebruiken.

Onderdeel van Grote Opdracht(en)

Samenhangende bouwstenen

Op de hoogte blijven?

Meld je nu aan en blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en het laatste nieuws rondom het landelijk curriculum.