Terug naar alle uitwerkingen van Burgerschap

Bouwsteen: BU03.1 - Democratische cultuur

Fase 1 (onderbouw primair onderwijs)

Inleiding

In de onderbouw gaan leerlingen hun eigen gevoelens herkennen en benoemen en krijgen ze inzicht in gevoelens en emoties van anderen. Leerlingen ervaren dat zij een stem hebben en deze kunnen gebruiken. Zij ervaren dat hun stem gehoord wordt en dat hun inbreng ertoe doet bij besluitvormingsprocessen in de klas. Zij weten dat de ander ook een stem heeft en kunnen hier actief naar luisteren. Leerlingen ervaren overeenkomsten en verschillen in het gedrag van mensen. Leerlingen leren op te komen voor zichzelf en rekening te houden met de gevoelens en standpunten een ander.

Kennis en vaardigheden

Leerlingen leren:

  • om te gaan met hun wensen en hun opvattingen en leren zich hierover uit te spreken;
  • de gevoelens, wensen en opvattingen van anderen te herkennen;
  • te accepteren dat anderen iets anders willen, maar dat dit niet tot een conflict hoeft te leiden;
  • hun stem te gebruiken tijdens gezamenlijke besluitvormingsprocessen;
  • dat de ander ook een stem en mogelijk een ander gezichtspunt heeft; leren hier naar te luisteren en vragen te stellen om meer over de ander en zijn of haar gezichtspunt te weten te komen;
  • conflicten in de klas op een vreedzame manier op te lossen.

Fase 2 (bovenbouw primair onderwijs)

Inleiding

In de bovenbouw van het PO worden leerlingen zich bewust van het feit dat zij een stem hebben in kwesties die hen aangaan en leren hun mening te onderbouwen. Zij weten dat er bij besluitvormingsprocessen een opbouw is van meedenken, meepraten, meedoen en meebeslissen. Zij ontwikkelen meer begrip voor de inbreng van anderen en erkennen het belang van draagvlak voor besluiten. Zij weten dat meningsverschillen emoties kunnen oproepen en kunnen leiden tot conflict. In die gevallen kunnen ze daar op een vreedzame manier mee omgaan.

Kennis en vaardigheden

Leerlingen leren:

  • dat het meepraten over zaken die hen aangaan een (kinder)recht is;
  • hun mening te verwoorden en daar eenvoudige argumenten voor te geven;
  • in de context van de klas te proberen anderen van hun mening te overtuigen;
  • de mening van anderen in eigen woorden samen te vatten;
  • hun eigen mening bij te stellen op basis van nieuwe inzichten;
  • hun stem te gebruiken tijdens besluitvormingsprocessen in de klas- en
  • schoolcontext en daarbij ruimte te maken voor de mening van alle leerlingen;
  • er rekening mee te houden dat hun mening of uitlatingen emoties teweeg kunnen
  • brengen bij anderen;
  • dat mensen over onderwerpen verschillend kunnen denken; dat die verschillen soms wel, soms niet overbrugd kunnen worden, en soms ook tot spanningen en conflicten leiden;
  • conflicten in de directe omgeving op een vreedzame manier op te lossen, maar ook accepteren dat conflicten kunnen blijven bestaan.

Fase 3 (onderbouw voortgezet onderwijs)

Inleiding

In de onderbouw van het VO ontwikkelen leerlingen democratische werkwijzen toe te passen, waarbij de eigen mening wordt verwoord en onderbouwd. Het deelnemen aan en beïnvloeden van besluitvormingsprocessen staan daarbij centraal. Leerlingen kunnen hieraan deelnemen, zich betrokken tonen en verantwoordelijkheid nemen voor genomen besluiten. Het vermogen om actief te luisteren en inhoudelijk te reageren op anderen ontwikkelt zich in deze fase zodat vormen van dialoog en debat kunnen worden toegepast. Deze communicatievormen dragen bij aan de ontmoeting met anderen en het andere. Dit legt de basis voor het empathie en het begrijpen van de meningen, opvattingen en leefwijzen van anderen.

Kennis en vaardigheden

Leerlingen leren:

  • standpunten onderbouwd te uiten, ook als dit een minderheidsstandpunt is, en anderen daar in discussie, debat of dialoog van proberen te overtuigen; de mening van anderen in eigen woorden samen te vatten, te beoordelen en er met inhoudelijke argumenten op te reageren;
  • hun eigen mening bij te stellen op basis van nieuwe inzichten;
  • manieren om de deelname van alle participanten aan dialoog, debat en discussie te bevorderen en te bewaken en ook minderheidstandpunten actief te onderzoeken;
  • over verschillen van inzicht, en de waarden, overtuigingen, belangen en emoties die daarmee gemoeid zijn; dat die verschillen van inzicht niet altijd overbrugd kunnen of hoeven worden;
  • conflicten in de klas en op school op een vreedzame manier op te lossen maar ook te accepteren dat conflicten kunnen blijven bestaan;
  • spanningen en conflicten wereldwijd te onderzoeken in termen van verschillen van waarden, inzicht en belang;
  • kwesties van (on)macht, (on)recht, (on)vrijheid of (on)gelijkheid in de wereld te onderzoeken, alsmede de mogelijkheden die de overheid en de leerling zelf hebben om in zulke kwesties te handelen;
  • op welke manieren zij deel kunnen nemen aan het maatschappelijk debat en invloed kunnen uitoefenen op besluitvormingsprocessen; de ruimte die zij hebben om dit te doen te bevragen en zo mogelijk en zo nodig te gebruiken.

Aanbevelingen bovenbouw voortgezet onderwijs

Inleiding

Voor leerlingen in havo, pro, vmbo, vso en vwo verdient het aanbeveling om de leerlijn burgerschap in de bovenbouw voort te zetten en waar mogelijk te koppelen aan beroepsprofielen, (profiel)vakken en loopbaanoriëntatie en (beroeps)begeleiding (LOB). Dat daarbij in de uitwerking en uitvoering gedifferentieerd kan worden naar leeftijd, ontwikkeling en mogelijkheden van (groepen) leerlingen, is evident. Voor het vervolg lijkt het bovendien aan te bevelen om te onderzoeken of en hoe het curriculum Burgerschap in het vo aansluiting kan vinden op het curriculum Burgerschap in het mbo en vice versa.

Kennis en vaardigheden

Een en ander leidt tot de volgende aanbevelingen:

  • Laat leerlingen standpunten niet alleen onderbouwen maar ook rechtvaardigen c.q. toetsen aan morele en ethische principes en aan rechten.
  • Daag leerlingen uit om verschillen van inzicht, en de waarden, overtuigingen, belangen en emoties die daarmee gemoeid zijn, bij zichzelf en bij anderen te analyseren, daarop te reflecteren en de eigen inzichten zo nodig bij te stellen.
  • Laat leerlingen nadenken over verschillende oorzaken van actuele conflicten in Nederland, Europa en de wereld en daag hen uit om verschillende scenario's uit te werken om die binnen de internationale rechtsorde zo mogelijk geweldloos op te lossen.
  • Laat leerlingen kwesties waarin (on)macht, (on)recht, (on)vrijheid en (on)gelijkheid een rol spelen in samenhang met de zgn. mondiale thema's onderzoeken.
  • Laat hen daarbij ook reflecteren op de mogelijkheden die zij en anderen hebben om hierop concreet te handelen, en welke mogelijkheden er bestaan het eigen handelingsvermogen en dat van anderen te vergroten.
  • Betrek bij de eventuele ontwikkeling van bouwstenen en/of leerdoelen voor de bovenbouw alle denk- en handelwijzen.

Onderdeel van Grote Opdracht(en)

Samenhangende bouwstenen

Op de hoogte blijven?

Meld je nu aan en blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en het laatste nieuws rondom het landelijk curriculum.