Studenten Nederlands over plannen curriculum.nu: ‘Aan ons de taak dat straks in de lessen vorm te geven.’

Zo’n 70 studenten uit heel het land woonden 25 maart een gastles over Curriculum.nu bij tijdens de landelijke LIO-dag Nederlands, verzorgd door alle eerstegraads lerarenopleidingen. De bijeenkomst was bij de VU in Amsterdam, waar Gerdineke van Silfhout (SLO) en OT-lid Nellianne van Schaik de opening verzorgden. Zij vertelden de leraren in spé over curriculum.nu en de inhoud en consequenties voor het leergebied Nederlands.

De studenten uit Groningen, Leiden, Nijmegen, Tilburg, Utrecht en Amsterdam waren erg geïnteresseerd in de vorderingen voor het leergebied Nederlands bij curriculum.nu. Vooral onderdeel 4 van de grote opdrachten sprak hen aan: het experimenteren met taal en vormen van taal stimuleert het zelfvertrouwen en plezier in taal.

Tool voor feedback meten

Daarnaast waren er vooral veel vragen over de feedback die de ontwikkelteams bij de verschillende partijen opvragen. ‘Want hoe maak je daarin een selectie en zorg je dat iedereen zich vertegenwoordigd voelt?’, aldus een van de studenten. Nellianne legde daarop uit dat ze vooral de grote lijnen uit de feedback proberen te halen. ‘We gebruiken een tool om te meten wat we telkens tegen komen en besluiten hoe we dat verwerken. Een enorme klus, waarmee we heel zorgvuldig omgaan.’

Nellianne van Schaik

Kort lijntje

Nellianne was erg enthousiast over de vragen en interesse van de studenten. ‘Het is belangrijk dat we een kort lijntje met de leraaropleidingen houden. Daarom is het ook bijzonder dat ik hier heb kunnen vertellen wat we bij curriculum.nu doen. Ik leer hier wat deze leraren in opleiding belangrijk vinden voor het leergebied Nederlands en dat vanuit een heel andere invalshoek dan hoe wij ernaar kijken. Dat inspireert mij enorm, net zoals het gesprek dat ik bijvoorbeeld binnen het OT-team met collega’s en experts heb. Ik merk dat deze studenten erg geïnteresseerd zijn in wat we doen, maar dat er ook zorgen zijn over hoe alles straks wordt getoetst. Daarnaast zijn ze erg blij dat we van Nederlands een eigentijds vak willen maken, dat je er creatief mee kunt omgaan en dat het meer is dan alleen oefenen van vaardigheden en spellingkwesties.’

Nellianne geeft drie dagen in de week Nederlands aan de bovenbouw van havo/vwo op het Calvijn College in Goes. ‘Ik ben ooit als docente Nederlands begonnen, omdat ik Nederlands leuk vond en graag het onderwijs in wilde. Als lid van het OT-team krijg ik veel nieuwe ideeën voor mijn eigen lespraktijk. Zo leer ik vaardigheden zo in een bepaalde context in de lessen te gebruiken, dat het voor leerlingen allemaal veel betekenisvoller wordt. Dat deed ik al, maar dat doe ik nu nog veel meer. Neem bijvoorbeeld het debat: daarvoor moeten ze naar aanleiding van een actueel thema literatuur verzamelen die ze moeten lezen en in het debat verwerken (lees- en schrijfvaardigheden). Vervolgens moeten ze gaan presenteren (presentatievaardigheden). Ik merk nu ook dat ik in een soort ambassadeurschapsrol zit en andere collega’s ook wil enthousiasmeren dit meer te doen. Het is gewoon hartstikke leuk om hiermee bezig te zijn en ons vak verder te helpen.’

Kim van Haperen en Lili Burki

Liefde voor de doelgroep

Bien Muller is student Nederlands aan de VU in Amsterdam en staat als zij-instromer voor de klas. ‘Ik heb als theatermaker, universitair docent en onderzoeker gewerkt en werkte vanuit het theater al veel met tieners. De fascinatie voor dit vak en liefde voor de doelgroep maakte dat ik het onderwijs in ben gegaan en ook mijn eerstegraads bevoegdheid voor Nederlands wil halen.’

Bien volgt een verkort traject en is in februari aan de VU begonnen. ‘Ik werk nu op een progressieve, vernieuwende school, het Hyperion Lyceum in Amsterdam. Hiervoor was ik leraar op een meer traditionele school en waren de mogelijkheden voor het vak Nederlands meer beperkt. Nederlands was daar voor leerlingen meer een moetje, zo van: je moet gymmen, ook als je dat niet wil. Bij mijn huidige school zijn meer mogelijkheden en die zie ik gelukkig ook terug bij curriculum.nu. Op een creatieve manier werken met taal. Het vak breder durven trekken dan alleen begrijpend lezen. Dat spreekt mij aan. We zien de problemen en de uitdaging van het vak Nederlands en we willen allemaal uiteindelijk onze liefde voor taal en liefde voor literatuur uitdragen.’

Stem aan leerlingen

‘Het belang van curriculum.nl is dat leerlingen begrijpen dat Nederlands een kernvak is in hun middelbare schoolcarrière’, vervolgt Bien. ‘Ik vind het verbluffend dat intelligente jongeren dat oprecht niet kunnen uitleggen wanneer je daarnaar vraagt. Wij moeten als volwassenen duidelijker maken wat een leerling aan het vak heeft hoe dit zich verhoudt tot de maatschappelijk bewuste leerlingen die we in Nederland graag zien. Of ik nog wat mis? Een rol voor de leerlingen zelf. Dus geef die leerlingen in curriculum.nu ook zelf een stem.’

Toetsing

Ook Lili Burki (VU) en Kim van Haperen (Universiteit Leiden) zijn erg enthousiast over curriculum.nu. Lili staat drie dagen in de week voor een VAVO-klas aan het Joke Smit College in Amsterdam. ‘De samenleving verandert continu, dat geldt ook voor onze Nederlandse taal en cultuur. Daarom is het zo belangrijk dat we daar oog voor hebben in het curriculum.’

Kim, die drie dagen bij het VAVO Rijnmond College werkt, vindt vooral de interactie met andere vakken belangrijk. Toch hebben ze ook allebei nog vragen, vooral over de toetsing. Lili: ‘Het zijn allemaal mooie ideeën, waar ik me goed in kan vinden. Er wordt verbinding gezocht met andere leergebieden en het primaire onderwijs en er komt meer oog voor creativiteit. Maar hoe werkt dat straks door in de praktijk, met name in de bovenbouw? Het huidige onderwijs is nu nog erg examengericht. Zolang dat niet verandert, ben ik benieuwd wat er daadwerkelijk van deze plannen terechtkomt. Al denk ik wel dat docenten Nederlands nu al iets met de adviezen van curriculum.nu kunnen, zoals meer aandacht voor creatief schrijven en meer oog voor het belang van taal in andere vakgebieden. Aan ons de taak dat straks in de klas te brengen.’