Ontwikkelsessie in volle gang: Met passie werken aan het onderwijs van morgen

‘Ze straalt als ze erover vertelt: Nicole, leraar in de onderbouw van het primair onderwijs, vindt het maar wat mooi dat ze meewerkt aan de ontwikkeling van nieuwe kerndoelen. Als ambassadeur van de curriculumherziening kan ze twee werelden samenbrengen, vertelt ze op een driedaagse ontwikkelbijeenkomst in Egmond aan Zee. Na iedere zogenoemde ontwikkelsessie van haar burgerschapsteam gaat ze met een bak aan nieuwe inzichten terug naar haar school. De reacties en ideeën van haar collega’s neemt ze vervolgens weer mee terug. En hoewel burgerschap van het huidige curriculum nog geen deel uitmaakt, is ze op haar school al lang begonnen om hier toch vast handen en voeten aan te geven. Op haar verzoek schafte de directeur onlangs een boek aan over regels en wetten. ,,Dan kunnen we onze leerlingen er nu al les over geven.’’’

‘Nicole en haar ontwikkelteam zitten middenin de vierde ontwikkelsessie. Iedere sessie maken ze hun tussenresultaten een stukje concreter. Ze verwerken de feedback van onder meer vakverenigingen, deskundigen, ouders, en wie ook maar heeft gereageerd op die resultaten. Ze discussiëren, stellen elkaar kritische vragen, scherpen de resultaten vervolgens verder aan. Inmiddels hebben ze met elkaar vastgesteld dat onderwijs over burgerschap onder meer moet gaan over democratie en identiteit. Een stapje concreter zou dit kunnen betekenen dat kinderen leren over de rechtsstaat en dat ieder mens een andere mening kan hebben. Dat kinderen in de onderbouw van de basisschool bijvoorbeeld leren wat regels überhaupt zijn. En dat ze in de bovenbouw leren over de Tweede en Eerste Kamer. Dat is althans nu het voorstel, maar in beton gegoten, is het zeker nog niet. De kunst is, vertellen leerkrachten Gijs, Melanie, Johannes en Nicole, om concreter te worden en scholen voldoende handvatten te bieden, zonder vooraf te veel in te vullen. Uiteindelijk is het immers aan de school om te bepalen hoe ze hun leerlingen de lesstof meegeven.’

Lees het gehele artikel op de website van de PO-Raad.