‘Leraren zijn in the lead’

Theo Douma

Wat moeten onze leerlingen in de toekomst kennen en kunnen? En uit welke onderdelen dient het nieuwe onderwijscurriculum straks te bestaan? Vanaf begin 2018 beantwoorden negen ontwikkelteams binnen het traject Curriculum.nu met elkaar deze vragen. Elk team richt zich op één specifiek vakgebied. Als docent of schoolleider kun je meewerken aan één van de teams. Heb je interesse? Je kunt je nog aanmelden tot 13 oktober, via Curriculum.nu Wees er dus snel bij!

‘Als leerkracht is het natuurlijk heel spannend om mee te denken en mee te praten over wat leerlingen in de toekomst moeten opsteken van jouw vakgebied. Zelden krijg je de mogelijkheid zo nauw betrokken te worden bij de ontwikkeling van het onderwijs van morgen als nu’, zegt Theo Douma, voorzitter van de coördinatiegroep Curriculum.nu. ‘Dus tegen alle docenten met goede ideeën over de vernieuwing van het onderwijs zeg ik: laat deze kans niet lopen!’ De bouwstenen uit de negen ontwikkelteams worden in 2019 voorgelegd aan de Tweede Kamer en dienen als basis voor nieuwe wettelijke kerndoelen en eindtermen in het primair en voortgezet onderwijs.

Douma was zelf ooit docent geschiedenis en maatschappijleer. Tegenwoordig is hij voorzitter van het college van bestuur van Openbaar Onderwijs Groningen (O2G2) en geeft hij leiding aan de coördinatiegroep Curriculum.nu. Douma was ook een van keynote-speakers tijdens de CVO Jaaropening over de ‘Toekomst van het onderwijs’ op donderdag 21 september. Voor wie zijn verhaal heeft gemist, of meer wil weten, beantwoordt hij met plezier nog een keer de belangrijkste vragen over de herziening van het curriculum en de ontwikkelteams.

Het voortraject

Eerst wat achtergrondinformatie. Curriculum.nu is niet nieuw, maar het vervolg van Onderwijs2032 en een initiatief van een brede onderwijscoalitie. De coalitie bestaat uit de Onderwijscoöperatie, de PO-raad, de VO-raad, de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS), het LAKS en Ouders & Onderwijs. In de uitvoering werken de partijen inhoudelijk samen met het Nationaal Expertisecentrum Leerplanontwikkeling (SLO).

In januari 2016 presenteerde de coalitie van Onderwijs2032 een visie over toekomstbestendig onderwijs. ‘Hierbij is ook het draagvlak voor de visie onder leraren onderzocht’, zegt Douma. ‘We hebben onder meer tientallen bijeenkomsten belegd, waarin docenten hun feedback konden geven op de visie. En er zijn vele duizenden waardevolle reacties opgehaald uit het veld.’

Vervolgens is het plan van aanpak afgelopen april in de Tweede Kamer besproken. Op basis van een aantal moties heeft de Kamer gevraagd het plan op enkele punten aan te passen. Na intensief overleg met vakverenigingen, stichting Platform Vmbo’s, het vervolgonderwijs en lerarenopleidingen heeft de Coördinatiegroep (CG) het plan aangescherpt en gaat het proces nu verder onder de naam Curriculum.nu.

Douma: ‘Na deze voorbereidingsfase willen we docenten en schoolleiders nu oproepen actief mee te denken over de inhoud van het nieuwe curriculum. Zij zijn in deze ontwikkelfase in the lead.’

Wat willen jullie met Curriculum.nu bereiken?

‘We willen een curriculum ontwikkelen dat beter is toegesneden op de toekomst. Het is inmiddels al ruim elf jaar geleden dat we ons in Nederland hebben gebogen over de vraag wat leerlingen nodig hebben om uit te groeien tot zelfstandige volwassenen, mensen die actief meedoen in de samenleving en met zelfvertrouwen in het leven staan. Er is veel veranderd in die elf jaar. Denk aan de snelle digitalisering en bijvoorbeeld aan het toenemende belang van burgerschapsvorming. Er is ook een grote behoefte aan meer samenhang en verbinding in de onderwijsinhoud en tussen de diverse disciplines. Daar willen we onder meer aan werken. Zo kunnen we het onderwijs betekenisvoller maken en bieden we leerlingen meer uitdaging, een grote wens van veel docenten en leerlingen! Daarnaast staan er nog meer wensen op ons lijstje: het onderwijsprogramma minder ‘overladen’ maken en scholen meer duidelijkheid bieden over wat alle leerlingen moeten leren en hoeveel ruimte er is voor eigen invulling van scholen.’

Het is voor het eerst dat leraren en schoolleiders uit het primair en voortgezet onderwijs samen werken aan het nieuwe curriculum. Waarom hebben jullie daarvoor gekozen?

‘In de ontwikkelteams zitten straks tenminste zes leraren en een schoolleider uit het primair onderwijs en zes leraren en een schoolleider uit het voortgezet onderwijs. Met die intensieve samenwerking willen we die doorlopende leerlijnen verbeteren. De overgang van de voorschoolse periode naar het primair onderwijs, van primair naar voortgezet onderwijs en van voortgezet onderwijs naar vervolgonderwijs moet echt soepeler. Door vertegenwoordigers van zowel PO als VO ook binnen de ontwikkelteams samen te brengen, zorgen we ervoor dat er goede afspraken worden gemaakt. Zo voorkomen we dubbele dingen en gaten in de nieuwe onderwijsprogramma’s, zaken waar docenten nu nogal eens tegenaan lopen.’

Hoe gaan jullie de teams samenstellen?

‘We streven naar een gevarieerd gezelschap van mensen binnen de teams. We zoeken docenten van scholen uit grote steden en kleinere gemeenten, van verschillende leeftijden en ervaringsniveaus, uit boven- en onderbouw et cetera. We willen dat de teams een representatieve afspiegeling zijn van het Nederlands onderwijs. Als zich meer docenten en schoolleiders aanmelden dan er plaatsen zijn – wat we natuurlijk hopen – dan gaan onze selectiecommissies ook selecteren op criteria als motivatie, resultaatgerichtheid en communicatieve vaardigheden.’

We zoeken minimaal 130 leraren en 18 schoolleiders die in teams willen samenwerken aan het curriculum. Daarnaast kunnen scholen zich opgeven als ontwikkelschool. Aan elk ontwikkelteam worden namelijk (minimaal) vier scholen uit het primair en vier scholen uit het voorgezet onderwijs gekoppeld. Deze geven de ontwikkelteams tussentijds feedback vanuit de praktijk.’

Hoe ziet het traject er voor de ontwikkelteams uit?

De ontwikkelteams starten begin 2018 met hun werk. Verspreid over het jaar werken de deelnemers vier keer drie opeenvolgende dagen samen in zogenoemde ontwikkelsessies, onder leiding van een procesbegeleider. In verschillende stappen beantwoorden ze dan samen de vraag wat leerlingen zouden moeten kennen en kunnen. En wat er wel en niet (meer) tot het onderwijscurriculum zou moeten behoren. Tijdens deze sessies krijgen de teams volop de mogelijkheid ondersteuning in te roepen van experts en verschillende andere partijen, zoals wetenschappers, vakverenigingen en bedrijfsleven. Kortom, een heel boeiend traject waarin de brede vaardigheden vanaf groep 1 van de basisschool tot en met 6-vwo zullen worden beschreven. Daar wil je toch bij zijn!’

 

*Dit interview verscheen eerder in het oktobernummer van CVOpen. CVOpen is het huisorgaan van de Vereniging voor Christelijk Voortgezet Onderwijs te Rotterdam en omgeving (CVO).

Op de hoogte blijven?

Meld je nu aan en blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en het laatste nieuws rondom het landelijk curriculum.